Logo Slingeland Ziekenhuis.
Topbalk beeld rechts.
Topbalk beeld midden.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

Folder informatie logo

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door

Nucleaire Geneeskunde


Radiumtherapie bij prostaatkanker

Met radium-223 dichloride (Xofigo®)


Algemeen
Uw arts heeft in overleg met u radiumtherapie afgesproken. Het middel dat hiervoor gebruikt wordt is Radium-223 dichloride, merknaam Xofigo®.

Radiumtherapie
Radiumtherapie wordt uitgevoerd bij patiënten met vergevorderde uitgezaaide prostaatkanker, waarbij hormoonbehandeling geen effect meer heeft. Radiumtherapie is gericht op uitzaaiingen in de botten. De uitzaaiingen in de botten nemen het radium op. Hierdoor worden deze zeer lokaal bestraald.

Het doel van radiumtherapie is het verkleinen van de uitzaaiingen. Radiumtherapie leidt niet tot genezing maar is een levensverlengende behandeling.

Op een skeletscintigrafie (botscan) kan worden vastgesteld of er botuitzaaiingen zijn die met radium behandeld kunnen worden.

Voorbereiding

Bloedonderzoek
Twee weken voor elke behandeling laat u bloedprikken. Neem hiervoor uw labformulier mee. Aan de hand van uw bloedwaarden bepaalt de nucleair geneeskundige of de (volgende) behandeling kan starten.

Eten en drinken
U mag voor de behandeling normaal eten en drinken.

Medicijnen
Krijgt u tijdens de behandelperiode met radium andere medicijnen of nieuwe medicijnen (bijvoorbeeld prednison)? Laat de arts of specialist die de medicijnen voorschrijft dan weten dat u radiumtherapie volgt.

Eerdere behandelingen
Voordat u start met radiumtherapie is het belangrijk dat uw lichaam is hersteld van eerdere behandelingen. U mag daarom in de 6 weken vóór een radiumbehandeling geen chemotherapie hebben gehad en geen uitgebreide bestraling (radiotherapie). Een gerichte bestraling op één of enkele pijnlijke botten in de 6 weken voorafgaand aan de radiumbehandeling is geen bezwaar.

Afspraken
Radiumtherapie bestaat uit 6 behandelingen. Deze behandelingen worden gedurende een half jaar om de 4 weken uitgevoerd. De behandeling vindt plaats op afdeling Nucleaire geneeskunde: route 64. Vóór iedere vervolgbehandeling dient u bloed te prikken.

1e behandeling (route 64)........................ om ............ uur
Bloedafname.....................................
2e behandeling (route 64)........................ om ............ uur
Bloedafname.....................................
3e behandeling (route 64)........................ om ............ uur
Bloedafname.....................................
4e behandeling (route 64)........................ om ............ uur
Bloedafname.....................................
5e behandeling (route 64)........................ om ............ uur
Bloedafname.....................................
6e behandeling (route 64)........................ om ............ uur

Na iedere bloedafname nemen we binnen een week contact met u op om de (volgende) behandeling definitief vast te zetten, uit te stellen of te annuleren. Omdat het radium speciaal voor u (op gewicht) klaargemaakt wordt, vragen we voorafgaand aan iedere behandeling naar uw gewicht. Het kan zijn dat uw behandelend arts u, gedurende het behandeltraject, een aantal keren wil zien en/of spreken. Dit wordt dan met u besproken.

De behandeling
Elke behandeling wordt op dezelfde manier uitgevoerd. U krijgt een infuus in een bloedvat in uw arm. Via dit infuus wordt het radium toegediend. Dit duurt enkele minuten. Daarna wordt het infuus verwijderd en wordt u gecontroleerd op nabloeden.

De behandeling duurt ongeveer 15 minuten. Daarna mag u naar huis.

Bijwerkingen
Een behandeling met radium heeft meestal weinig bijwerkingen. Na iedere behandeling kunt u zich ziek en misselijk voelen. Ook kunt u last krijgen van zwelling van de benen, enkels en voeten. Deze bijwerkingen trekken meestal snel weg.

Neem contact met ons op indien u:
  • zich langer dan drie dagen ziek of misselijk voelt;
  • u een moeizame of vertraagde stoelgang (obstipatie) heeft;
  • u diarree heeft;
  • u moet braken.
Radium kan ervoor zorgen dat u minder bloedcellen aanmaakt. Hier merkt u normaal gesproken niets van. Daarom worden vóór elke behandeling uw bloedwaarden gecontroleerd om vast te stellen of uw beenmerg voldoende functioneert. Wanneer uw bloedwaarden te veel afwijken, kan het verloop van de behandeling worden aangepast.

Leefregels in verband met radioactiviteit
U hoeft geen afstand te houden tot de mensen in uw omgeving. De straling van het radioactieve radium komt niet buiten uw lichaam, behalve bij toiletbezoek. Een deel van het radium wordt niet in de botten opgenomen en verlaat het lichaam via de ontlasting en in mindere mate via de urine. Ook in uw bloed is het radioactieve radium aanwezig.

Om te voorkomen dat andere personen in contact komen met radioactiviteit, dient u zich na iedere behandeling gedurende 7 dagen te houden aan de volgende leefregels:
  • Ga zittend plassen, spoel het toilet door en was daarna grondig uw handen.
  • Als u knoeit met urine of ontlasting, maakt u dit met tissues of wegwerpzakdoekjes schoon. Gebruik hierbij plastic handschoenen. Vervolgens doet u de handschoenen en tissues of wegwerpzakdoekjes in een plastic zak. Gooi de zak weg met het gewone huisvuil.
  • Als er ontlasting, urine of bloed op kleding of beddengoed terechtkomt, wast u die apart in de wasmachine. Daarna kunt u het weer gewoon gebruiken.
  • In geval van incontinentie gebruikt u minimaal een week lang incontinentiemateriaal. Gebruik plastic handschoenen bij het wisselen van het incontinentiemateriaal. Verzamel het gebruikte materiaal in een plastic zak en gooi deze weg met het gewone huisvuil.
  • Krijgt u een onderzoek of andere behandeling? Meld dan dat u behandeld bent met radioactief radium. Indien nodig, kunnen zij contact opnemen met de afdeling Nucleaire Geneeskunde.
Uw behandelend arts en/of nucleair geneeskundige neemt bovenstaande maatregelen met u door.

Vragen
Heeft u vragen over uw behandeling? Stelt u deze dan aan uw behandelend arts of aan de medewerkers op de afdeling Nucleaire Geneeskunde. De afdeling Nucleaire Geneeskunde is op werkdagen van 08.30 tot 17.00 uur bereikbaar op telefoonnummer (0314) 32 95 13.

Hoe gaan wij met uw vertrouwelijke gegevens om
Zodra u zich meldt in het ziekenhuis, leggen wij persoonlijke gegevens over u vast. Die gegevens zijn geheim. Alleen de arts die u behandelt, de zorgverleners die bij uw behandeling betrokken zijn en uzelf mogen uw gegevens inzien. Het ziekenhuis is verplicht om de kwaliteit van zorg te bewaken en verbeteren. Daarom kan het nodig zijn om gegevens te verstrekken aan personen binnen of buiten het ziekenhuis. Het verstrekken van gegevens is aan wettelijke regels gebonden (zie het 'Privacyreglement Patiënten', verkrijgbaar bij Bureau Patiëntenvoorlichting).

Wanneer zorgverleners van verschillende zorginstanties samenwerken bij uw behandeling, noemt men dit ketenzorg. Als het voor een goede behandeling of verzorging noodzakelijk is dat de zorgverleners uit de keten toegang hebben tot uw patiëntgegevens, dan is dit toegestaan. Dit is echter alleen toegestaan als u van tevoren duidelijk bent geïnformeerd over welke hulpverleners van welke zorginstanties deel uitmaken van deze keten en u hier geen bezwaar tegen heeft.

Daarnaast kunnen uw huisarts, de huisartsenpost en uw apotheker een samenvatting van uw medische gegevens inzien bij spoedeisende zorg buiten praktijkuren. Meer informatie kunt u lezen in de folder 'Uw rechten en plichten als patiënt'. Deze folder kunt u raadplegen op www.slingeland.nl (klik op: Patiënteninfo > Folders).



Foldernummer: okt 19