Logo Slingeland Ziekenhuis.
Topbalk beeld rechts.
Topbalk beeld midden.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

Folder informatie logo

Ergotherapie

Geheugenstoornissen

Veroorzaakt door een CVA

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door
Inleiding
Deze folder gaat over geheugenstoornissen die zijn veroorzaakt door een CVA (Cerebro Vasculair Accident). Een CVA wordt ook wel beroerte genoemd. Deze folder is bestemd voor mensen die getroffen zijn door een CVA en hun partner/naasten.

Geheugenstoornissen
Door een CVA kunnen delen van de hersenen beschadigd zijn waardoor geheugenproblemen ontstaan.

Het geheugen is een functie van de hersenen. Het geheugen ligt niet afgeschermd op één plek in de hersenen. Bij het geheugen zijn verschillende delen van de hersenen betrokken. Dat is ook de reden dat mensen met een hersenletsel vrijwel altijd geheugenproblemen krijgen; de kans dat delen worden getroffen die met het geheugen te maken hebben, is immers groot.

De verschillende delen van de hersenen hebben elk een eigen functie, zoals:
Vaak hebben mensen die een CVA hebben gehad, te maken met meerdere stoornissen in verschillende hersenfuncties. Bijvoorbeeld stoornissen in taal, waarneming en concentratievermogen. Deze stoornissen zijn allemaal op elkaar van invloed. Bijvoorbeeld: iemand heeft moeite om nieuwe informatie te onthouden en daarmee moeite om nieuwe dingen te leren. Of door concentratieproblemen is het moeilijker om zaken te onthouden.

Andere factoren
Naast directe schade aan de hersendelen zijn er nog andere factoren waardoor iemand moeilijker iets kan onthouden. Voorbeelden hiervan zijn:
Hoe werkt het geheugen
Een geheugenstoornis kan zich op verschillende manieren uiten. Om dit te begrijpen wordt hieronder eerst uitgelegd hoe het geheugen werkt.

Het geheugen
Het geheugen is het vermogen om allerlei soorten informatie op te slaan en weer terug te halen als dat nodig is.

Verschillende soorten geheugen

Zintuigelijk geheugen:
Alles wat mensen horen en zien, komt hier binnen. De informatie wordt dan doorgegeven aan het kortetermijngeheugen.

Kortetermijngeheugen:
Dit geheugen is voor het tijdelijk vasthouden van informatie. Om deze reden wordt ook wel gesproken van een werkgeheugen. Dit geheugen heeft u nodig om bijvoorbeeld te onthouden wat u in de kelder ging halen, om een vraag of telefoonnummer even te onthouden, of om een keuze te kunnen maken. In het kortetermijngeheugen kan maar een beperkte hoeveelheid tegelijk worden vastgehouden. De meeste informatie die in ons kortetermijngeheugen belandt wordt na gebruik verwijderd. Belangrijke informatie wordt overgebracht naar het langetermijngeheugen en daar opgeslagen.

Langetermijngeheugen:
Het langetermijngeheugen biedt ruimte aan oneindig veel informatie. Eenmaal opgeslagen kan de informatie levenslang bewaard blijven.

Het langetermijngeheugen bevat:
Het onthouden van informatie
Hoe goed we iets onthouden, is afhankelijk van verschillende factoren:
Omgaan met geheugenproblemen
Uit onderzoek is gebleken dat het extra oefenen en trainen van het geheugen met allerlei geheugenspelletjes het geheugen in zijn algemeenheid niet verbetert.

Het is wel mogelijk om niet al te moeilijke vaardigheden en volgordes in handelingen aan te leren: iemand hoeft zich er niet van bewust te zijn dat hij/zij de vaardigheid beheerst om deze toch te kunnen uitvoeren. Vaak kan iemand een beweging niet goed leren door het te beschrijven, maar wel door het keer op keer te doen (oefenen).

Bijvoorbeeld: iemand met geheugenproblemen krijgt dagelijks dezelfde aanwijzingen om op een goede manier uit bed te komen. Diegene kan misschien die aanwijzingen niet navertellen maar door het steeds herhalen van de bewegingen op dezelfde manier, komt hij/zij op een gegeven moment toch op de goede manier uit bed. Hij/zij past de adviezen dan onbewust toe.

Het is ook mogelijk om voor specifieke alledaagse taken trucjes (hulpmiddelen) te gebruiken om deze taken beter uit te voeren. Deze trucjes noemt men geheugenstrategieën. Er zijn interne en externe geheugenstrategieen; voorbeelden hiervan staan hieronder beschreven.

Externe geheugenstrategieën
Dit zijn geheugensteuntjes die u vooral helpen om u ergens aan te herinneren. Vrijwel iedereen gebruikt zulke geheugensteuntjes. Ze zijn gemakkelijk te gebruiken en werken vaak goed.

Bijvoorbeeld:Interne geheugenstrategieën
Deze manieren van onthouden, spelen zich af 'in het hoofd' of in gedachten.

Bijvoorbeeld:
Ergotherapie
Beginnende geheugenproblemen kunnen onzekerheid geven in het dagelijks leven. De ergotherapeut kan hierbij helpen door te inventariseren op welke wijze de geheugenproblemen het dagelijks functioneren beïnvloeden. De ergotherapie kan zich richten op het aanleren van strategieën om het geheugenprobleem te ondersteunen, leren gebruik te maken van hulpmiddelen (bijv. een agenda) en/of leren gebruik te maken van compensatiestrategieën.

Ten slotte

Probeer uw geheugenprobleem te accepteren. Het is belangrijk dat uw partner/naaste u hierin ondersteunt. Geef aandacht aan het vergroten van het zelfvertrouwen, het verminderen van onzekerheid, het relativeren van geheugenklachten en leer om op een andere manier tegen de klachten aan te kijken.

Meer informatie

Voor meer informatie over verschijnselen na een CVA verwijzen wij u naar de folder 'Een beroerte en dan', uitgegeven door de Nederlandse Hartstichting. Deze folder is te downloaden van de website www.hartstichting.nl, verkrijgbaar bij de verpleegkundige of het Bureau Patiëntenvoorlichting.

Verder kunt u voor meer informatie de volgende websites raadplegen:

Geraadpleegde literatuur


Foldernummer: 1670-jul 20