Logo Slingeland Ziekenhuis.
Topbalk beeld rechts.
Topbalk beeld midden.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

Folder informatie logo

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door

Oogheelkunde


Infarct van de oogzenuw

AION


Algemeen
Uw oogarts heeft bij u een infarct van de oogzenuw geconstateerd, ook wel AION genoemd. In deze folder leest u wat dit is en welke behandelingen mogelijk zijn.

De oogzenuw
De oogzenuw is de zenuw van het zien. Het brengt de beelden die we zien, gecodeerd als elektrische prikkels, van onze ogen naar de hersenen. De oogzenuw is als een elektriciteitskabel en bestaat uit ongeveer 1,2 miljoen afzonderlijke dunne draadjes (zenuwvezels). Elk van deze vezels brengt een deel van de informatie naar de hersenen. Als enkele of alle zenuwvezels aangetast zijn, zien we wazig.

AION
AION (Anterieure Ischemische Optico Neuropathie) betekent een infarct van de oogzenuw. Dit infarct ontstaat door een tijdelijke of blijvende afsluiting van de kleine bloedvaatjes die de oogzenuw van bloed voorzien. Bij een infarct van de oogzenuw komt er te weinig zuurstof in de zenuw en zenuwvezels. Hierdoor functioneren de zenuwvezels niet goed meer.

Oorzaken
Bij de meeste patiënten is een infarct van de oogzenuw het gevolg van aderverkalking. De kans op aderverkalking is groter bij mensen met diabetes mellitus (suikerziekte), een hoog cholesterolgehalte en hoge bloeddruk. Maar ook bij mensen die verder volledig gezond zijn kan een infarct van de oogzenuw voorkomen. Bij deze patiënten voert de internist uitgebreid onderzoek uit naar andere afwijkingen, zoals een verstoring van het stollingsmechanisme van het bloed. Bij een kleine groep patiënten wordt het infarct van de oogzenuw veroorzaakt door een vaatontsteking 'arteritis temporalis'.

Klachten
Meestal is er een verminderd gezichtsvermogen. Een deel van het gezichtsveld valt dan weg. Vaak gaat in de loop van de tijd ook de gezichtsscherpte achteruit. Bij patiënten met een vaatontsteking komen ook symptomen voor zoals hoofdpijn, pijn in de kaken bij het eten, pijn bij het kammen van de haren en soms verminderde eetlust.

Onderzoek
De oogarts doet een uitgebreid oogheelkundig onderzoek. Er wordt ook altijd bloedonderzoek gedaan om een vaatontsteking uit te sluiten. Een onderzoek van het gezichtsveld wordt gedaan om afwijkingen vast te leggen, eventueel ook van het gezonde oog. Soms vindt er nog aanvullend onderzoek plaats in de vorm van foto's met contrastvloeistof (fluorescentie angiografie).

Bij een klein aantal patiënten lijkt de aandoening eerst op een infarct. Na verder onderzoek is er soms toch sprake van een neurologische aandoening. In dat geval verwijst de oogarts u door voor een CT-scan of MRI-scan of naar de neuroloog.

Behandeling
Helaas is er voor deze aandoening geen behandeling bekend die het gezichtsvermogen kan behouden of herstellen. Op het moment van de diagnose is de schade aan de zenuw al aangericht.

Is een vaatontsteking de oorzaak van het infarct van de oogzenuw, dan verwijst de oogarts u naar de internist. De oogarts overlegt met de internist. De behandeling bestaat dan uit ontstekingsremmende medicijnen (corticosteroïden). De behandeling is bedoeld om het gezichtsvermogen van het andere oog te behouden. Het aangedane oog kan niet meer verbeteren.

Is het infarct van de oogzenuw niet het gevolg van een vaatontsteking, dan komt het in zeldzame gevallen voor dat het andere oog ook wordt aangetast. Het is niet te voorspellen bij welke patiënten dat wel of niet gebeurt. Het andere oog kan in korte tijd, maar ook pas na 20 jaar dezelfde afwijking krijgen. De oogarts verwijst u door naar een internist om risicofactoren te onderzoeken en eventueel te behandelen. Meestal schrijft de internist bloedverdunners in de vorm van acetylsalicylzuur (Aspirine) voor om het risico te verkleinen.

Vragen
Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan neemt de oogarts deze tijdens het spreekuur graag met u door. Het kan handig zijn uw vragen van tevoren op papier te zetten. Natuurlijk kunt u met uw vragen ook telefonisch bij ons terecht. Telefoonnummer polikliniek Oogheelkunde: (0314) 32 96 14.

Hoe gaan wij met uw vertrouwelijke gegevens om
Zodra u zich meldt in het ziekenhuis, leggen wij persoonlijke gegevens over u vast. Die gegevens zijn geheim. Alleen de arts die u behandelt, de zorgverleners die bij uw behandeling betrokken zijn en uzelf mogen uw gegevens inzien. Het ziekenhuis is verplicht om de kwaliteit van zorg te bewaken en verbeteren. Daarom kan het nodig zijn om gegevens te verstrekken aan personen binnen of buiten het ziekenhuis. Het verstrekken van gegevens is aan wettelijke regels gebonden (zie het 'Privacyreglement Patiënten', verkrijgbaar bij Bureau Patiëntenvoorlichting).

Wanneer zorgverleners van verschillende zorginstanties samenwerken bij uw behandeling, noemt men dit ketenzorg. Als het voor een goede behandeling of verzorging noodzakelijk is dat de zorgverleners uit de keten toegang hebben tot uw patiëntgegevens, dan is dit toegestaan. Dit is echter alleen toegestaan als u van tevoren duidelijk bent geïnformeerd over welke hulpverleners van welke zorginstanties deel uitmaken van deze keten en u hier geen bezwaar tegen heeft.

Daarnaast kunnen uw huisarts, de huisartsenpost en uw apotheker een samenvatting van uw medische gegevens inzien bij spoedeisende zorg buiten praktijkuren. Meer informatie kunt u lezen in de folder 'Uw rechten en plichten als patiënt'. Deze folder kunt u raadplegen op www.slingeland.nl (klik op: Patiënteninfo > Folders).



Foldernummer: 1419-aug 18