Logo Slingeland Ziekenhuis.
Topbalk beeld rechts.
Topbalk beeld midden.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

Folder informatie logo

Chirurgie

Galblaasverwijdering

Cholecystectomie

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door
Algemeen
In overleg met de arts heeft u besloten uw galblaas door middel van een operatie te laten verwijderen. De arts heeft u uitgelegd waarom dit nodig is en hoe deze ingreep zal plaatsvinden. In deze folder kunt u de informatie nog eens rustig nalezen.

De galblaas
De galblaas is een klein peervormig orgaan dat aan de onderkant van de lever ligt, rechtsboven in de buik. De galblaas is door gangetjes verbonden met de lever en met het eerste deel van de dunne darm (de twaalfvingerige darm). De lever maakt gal aan. Gal is een vloeistof die belangrijk is bij het verteren van vetten. De lever voert de gal af naar de galblaas, waar het wordt ingedikt en opgeslagen. Komt er voedsel in de darm, vooral vet voedsel, dan perst de galblaas de gal via de afvoerbuis naar de dunne darm. Is de galblaas verwijderd, dan nemen de lever en de galgangen deze functie over.
Anatomie van de buikholte: lever, maag, galblaas, galblaasgang en galgangen
Wanneer de galblaas verwijderen
De meest voorkomende aandoening van de galblaas is de vorming van galstenen. Galstenen veroorzaken niet altijd klachten. Pas wanneer u klachten heeft, is een verwijdering van de galblaas (cholecystectomie) nodig. Galstenen kunnen tot ernstige aandoeningen leiden: ontstekingen van de galblaas en de galgangen, geelzucht en het scheuren van de galblaas.

Voorbereiding op de operatie

Pre-operatief spreekuur
Voordat u wordt opgenomen in het ziekenhuis heeft u een gesprek met een anesthesioloog en een verpleegkundige. Dit noemen we het pre-operatief spreekuur. Tijdens dit spreekuur wordt gekeken of er nog aanvullend onderzoek nodig is voor de operatie (bijvoorbeeld bloedprikken of een hartfilmpje). Ook bespreekt de anesthesioloog met u op welke manier u wordt verdoofd tijdens de operatie en met welke medicijnen u eventueel (tijdelijk) dient te stoppen. De verpleegkundige geeft uitleg over de opname en uw verblijf in het ziekenhuis. Ook legt de verpleegkundige uit wat u voor de operatie wel en niet mag eten en drinken.

Voorafgaand aan het pre-operatief spreekuur heeft u een afspraak op het medicatiespreekuur. Een apothekersassistent neemt uw medicijngebruik met u door. Neem voor deze afspraak altijd uw actuele medicatieoverzicht mee. Dit overzicht is verkrijgbaar bij uw eigen apotheek.

Bovengenoemde afspraken worden gemaakt op het Centraal Planbureau.

Meer informatie over de manier van verdoven vindt u in de folder 'Anesthesie', verkrijgbaar bij Bureau Patiëntenvoorlichting en te printen via de website www.slingeland.nl.

Nagelverzorging
Zorgt u ervoor dat uw nagels kort, schoon en zonder nagellak zijn als u geopereerd wordt. Dit is belangrijk om infecties te voorkomen. Ook kan het operatieteam aan de hand van uw nagels controleren hoe het zuurstofgehalte in uw bloed is. Kunstnagels hoeft u niet te verwijderen, maar meld het wel aan de verpleegkundige als u deze heeft.

Sieraden, gebitsprothese, gehoorapparaat, lenzen, bril, make-up
Doet u uw sieraden (zoals ringen en piercings) thuis alvast af. Om infecties en ander letsel te voorkomen, mag u deze niet dragen tijdens de operatie. Vanwege uw veiligheid mag u tijdens de operatie ook geen bril, lenzen, gebitsprothese, gehoorapparaat en make-up dragen.

De operatie

Het kan zijn dat u door een andere chirurg wordt geopereerd dan de chirurg die u heeft gezien op de polikliniek.

Er zijn twee manieren waarop de chirurg de galblaas kan verwijderen: de laparoscopische galblaasverwijdering en de 'klassieke' galblaasverwijdering. Meestal wordt de galblaas laparoscopisch verwijderd.

Laparoscopische galblaasverwijdering

Bij een laparoscopische galblaasverwijdering verwijdert de chirurg de galblaas met behulp van een aantal kleine sneetjes in de buik.

Eerst wordt uw buik via een kleine opening gevuld met koolzuurgas. Dit is nodig om een goed overzicht te krijgen van de buikholte. Vervolgens brengt de chirurg een laparoscoop in de buikholte via een sneetje bij de navel. Een laparoscoop is een lange rechte pijp waarop een kleine videocamera en een lichtbron zijn gemonteerd. De chirurg kan uw buikholte dan onder belichting bekijken.

Daarna brengt de chirurg meerdere sneetjes aan in uw buik. In iedere snede brengt de chirurg een speciaal instrument in de buikholte om de galblaas te pakken, te kunnen bewegen en te kunnen verwijderen. De galblaasgang en de bloedvaten die naar de galblaas lopen, worden afgebonden en doorgenomen. De chirurg verwijdert de galblaas via één van de sneden.

Ook bijkomende ingrepen, zoals het losmaken van vergroeiingen, zijn mogelijk door middel van een laparoscopische operatie.

Mocht het niet lukken om de galblaas laparoscopisch te verwijderen, dan wordt tijdens de operatie overgegaan op de klassieke methode van opereren.

'Klassieke' galblaasverwijdering
Soms is een laparoscopische operatie niet mogelijk vanwege technische of anatomische redenen, bijvoorbeeld omdat er verklevingen aanwezig zijn die het zicht belemmeren. Ook door een onverwachte bevinding tijdens de laparoscopische operatie kan het noodzakelijk zijn om de 'klassieke' operatie uit te voeren. Bij de 'klassieke' methode opent de chirurg de buikholte door een snede in uw buikwand te maken. De snede is ongeveer 10 tot 15 cm lang. Via die snede verwijdert de chirurg de galblaas

Bij zowel de 'klassieke' als de laparoscopische galblaasverwijdering kan de chirurg stukjes weefsel wegnemen voor weefselonderzoek.

Na de operatie/weer thuis
Na een laparoscopische galblaasverwijdering mag u dezelfde dag of de volgende dag naar huis. Dit is met u besproken. Bij de 'klassieke' galblaasverwijdering is de opnameduur een aantal dagen.

U mag weer naar huis als u koortsvrij bent en u goed kunt lopen. Als u naar huis gaat, krijgt u van de verpleegkundige een controleafspraak mee. Dit kan een telefonische afspraak zijn of een afspraak op de polikliniek, afhankelijk van uw arts en soort hechtingen.

Thuis bent u waarschijnlijk nog moe van de operatie. De wond heeft geen speciale verzorging nodig. U kunt zich gewoon wassen of douchen. Wanneer de wond genezen is, mag u alle normale activiteiten weer hervatten. Meestal kunt u 2 weken na een laparoscopische ingreep weer aan het werk. Zwaar lichamelijk werk mag u na ongeveer 6 weken weer verrichten. Na een 'klassieke' galblaasverwijdering kan het herstel wat langer duren.

U hoeft geen vetarm dieet te volgen, maar u dient de eerste tijd wel voorzichtig te zijn met vet en sterk gekruid eten en koffie. Probeer steeds uit wat u kunt verdragen. Heeft u klachten na het gebruik van bepaalde voedingsmiddelen, laat deze dan weg en probeer ze op een later moment nog eens. Het is de bedoeling dat u na korte tijd weer kunt eten zoals u gewend bent.

Complicaties
Een galblaasverwijdering is een veelvoorkomende operatie. De laparoscopische en de 'klassieke' methode worden niet als gevaarlijk of riskant beschouwd bij mensen die verder gezond zijn. Toch kunnen er, net als bij iedere operatie, complicaties optreden zoals wondinfecties, trombose, embolie en nabloedingen. De kans hierop is bij de laparoscopische galblaasverwijdering kleiner dan bij de 'klassieke' galblaasverwijdering. Hetzelfde geldt voor de kans op abcessen, vergroeiingen in de buikholte, darmafsluiting, darmverlamming of navelbreuk.

Tijdens de laparoscopische operatie wordt uw buik opgeblazen met koolzuurgas. Dit kan het middenrif prikkelen. Na de operatie kan zich dat uiten in pijn tussen uw schouderbladen, buik of halsgebied. De klachten verdwijnen meestal binnen een aantal dagen.

Beschadiging van omliggende organen door de instrumenten, de elektrische stromen of de hitte-inwerking is niet volledig uit te sluiten. Het gaat dan bijvoorbeeld om beschadiging van de grote galgang, de dikke of dunne darm, de lever, de maag of de grote bloedvaten. Beschadiging van de galgang is een zeldzame maar ernstige complicatie. Een hersteloperatie kan dan noodzakelijk zijn.

Bij uitzondering gaan de bloedvaten of galgangen, die tijdens de operatie zijn afgesloten, weer open. Er kunnen dan nabloedingen ontstaan of er kan gal vrijkomen in de buikholte. In een latere fase kan een fistel ontstaan. Een fistel is een verbinding van de galwegen met de darm- of de buikwand. Ook kan een infectie van de buikholte optreden. Het opnieuw bekijken van de buikholte kan dan nodig zijn.

Om de kans op trombose te verkleinen, is het belangrijk dat u in beweging bent. Moet u in bed blijven? Zit dan zoveel mogelijk rechtop en beweeg uw tenen en voeten op en neer.

Bij complicaties
Neem bij problemen of vragen na uw opname in het ziekenhuis contact op met uw huisarts. Uw huisarts is op de hoogte van uw situatie. Indien nodig overlegt de huisarts met de specialist in het ziekenhuis. Buiten kantoortijden en in het weekend kunt u de huisartsenpost bellen.

Vragen

Heeft u voorafgaand aan de behandeling nog vragen, dan kunt u op werkdagen contact opnemen met de secretaresse van de polikliniek Chirurgie, telefoonnummer (0314) 32 99 88.

Hoe gaan wij met uw vertrouwelijke gegevens om
Zodra u zich meldt in het ziekenhuis, leggen wij persoonlijke gegevens over u digitaal vast. Die gegevens zijn geheim. Alleen de arts die u behandelt, de zorgverleners die bij uw behandeling betrokken zijn en uzelf mogen uw gegevens inzien. Het ziekenhuis is verplicht om de kwaliteit van zorg te bewaken en verbeteren. Daarom kan het nodig zijn om gegevens te verstrekken aan personen binnen of buiten het ziekenhuis. Het verstrekken van gegevens is aan wettelijke regels gebonden (zie het ‘Privacyreglement Patiënten’, vraag ernaar bij uw zorgverlener).

Wanneer zorgverleners van verschillende zorginstanties samenwerken bij uw behandeling, noemt men dit ketenzorg. Als het voor een goede behandeling of verzorging noodzakelijk is dat de zorgverleners uit de keten toegang hebben tot uw patiëntgegevens, dan is dit toegestaan. Dit is echter alleen toegestaan als u van tevoren duidelijk bent geïnformeerd over welke hulpverleners van welke zorginstanties deel uitmaken van deze keten en u hier geen bezwaar tegen heeft.

Daarnaast kunnen uw huisarts, de huisartsenpost en uw apotheker een samenvatting van uw medische gegevens inzien bij spoedeisende zorg buiten praktijkuren. Meer informatie kunt u lezen in de folder 'Uw rechten en plichten als patiënt'. Deze folder kunt u raadplegen op www.slingeland.nl.


Foldernummer: 1257-apr 22