Logo Slingeland Ziekenhuis.
Topbalk beeld rechts.
Topbalk beeld midden.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

Folder informatie logo

Cardiologie


De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door

Inbrengen van hartritmemonitor

Confirm®


Algemeen
In overleg met uw cardioloog heeft u er in toegestemd een hartritmemonitor te laten inbrengen onder uw huid. Dit om te onderzoeken of bij u sprake is van een hartritmestoornis. In deze folder leest u over de hartritmemonitor, het inbrengen van de hartritmemonitor en het gebruik van de monitor na de plaatsing.

Hartritmemonitor
Een hartritmemonitor is een apparaatje om te onderzoeken of er iets mis is met uw hartritme. Als er iets verandert in uw hartritme dan legt de hartritmemonitor dit automatisch vast op een hartfilmpje. De hartritmemonitor is ongeveer 6 cm lang, 1,5 cm breed en 0,5 cm dik.



Het wordt ook wel een Insertable Loop Recorder genoemd. De merknaam is Confirm®.

Activator
Bij de hartritmemonitor hoort ook een afstandsbediening. Hiermee kunt u handmatig opnames maken van uw hartritme als u klachten heeft. Bijvoorbeeld bij flauwvallen, hartkloppingen, licht in het hoofd voelen of duizeligheid.



Bij klachten legt u de Activator op de geïmplanteerde hartritmemonitor en drukt u op een knop van de Activator. De hartritmemonitor neemt dan uw hartritme op, ook het ritme van een aantal minuten voor en na het indrukken van de knop. Dit geeft een compleet beeld van uw klachten. Draag daarom de Activator altijd bij u.

Als u flauwvalt, kunt u de knop uiteraard niet zelf indrukken. Licht daarom zoveel mogelijk mensen uit uw omgeving in over uw hartritmemonitor. Leg hen uit hoe ze de Activator kunnen gebruiken als u dat zelf niet kunt.

Meer informatie over het gebruik van de Activator staat beschreven in de paragraaf 'Het gebruik van de afstandsbediening Activator' en 'Gebruikersvoorschriften Activator' verderop in deze folder.

Programmeerapparaat
Op de polikliniek Cardiologie is een programmeerapparaat zodat de pacemakertechnicus uw hartritmemonitor in kan stellen en de opgenomen gegevens kan aflezen.

Het inbrengen van de hartritmemonitor
Het inbrengen van een hartritmemonitor is een vrij eenvoudige ingreep. De cardioloog plaatst het apparaatje onder uw huid. Meestal is dit tussen uw borstbeen en uw linkerschouder. Op de plek waar de hartritmemonitor onder de huid zit, zal mogelijk een bult te zien zijn ter grootte van de hartritmemonitor.

De ingreep vindt plaats tijdens een dagopname. 's Morgens meldt u zich in het ziekenhuis. De cardioloog plaatst de hartritmemonitor bij u. De pacemakertechnicus stelt vervolgens de hartritmemonitor in. U kunt aan het begin van de middag weer naar huis.

Voorbereiding

Vervoer
Na de ingreep mag u niet zelf naar huis rijden. Zorg ervoor dat iemand u op komt halen.

Eten en drinken
Tot 2 uur voor de ingreep mag u nog een lichte maaltijd gebruiken (maximaal 1 belegde boterham of beschuit en een kopje thee of water). Daarna mag u niets meer eten en drinken.

Antistollingsmedicijnen
Als u Acenocoumarol (Sintrommitis) of Fenprocoumon (Marcoumar) gebruikt, dient u dit te overleggen met de trombosedienst. Wij adviseren 3 dagen bij Acenocoumarol of 5 dagen bij Fenprocoumon voor de behandeling te stoppen met het gebruik van deze medicijnen.

Indien u een NOAC: Rivaroxaban (Xarelto), Apixaban (Eliquis), Dabigatran (Pradaxa) of Endoxaban (Edoxaban) gebruikt, dient u 1 dag voor de behandeling hiermee te stoppen.

Mocht de cardioloog iets anders met u hebben afgesproken, dan dient u dat advies op te volgen. De cardioloog spreekt met u af wanneer u na de ingreep weer kunt starten met het innemen van de medicijnen.

Melden
Meldt u zich op het afgesproken tijdstip bij de receptiemedewerker bij de hoofdingang. Zij zullen u informeren op welke verpleegafdeling u wordt opgenomen.

Opname op de verpleegafdeling
Op de verpleegafdeling verwelkomt een verpleegkundige u en begeleidt u naar uw kamer. De verpleegkundige vertelt u hoe de opnamedag eruit ziet en legt u de ingreep uit. U kunt dan ook vragen stellen. De verpleegkundige meet uw bloeddruk, pols en temperatuur. U krijgt ook een operatiejasje aan. De verpleegkundige dient u eenmalig antibiotica toe via een infuusnaaldje in uw arm. Dit is om infecties na de ingreep tegen te gaan.

De ingreep
De ingreep vindt plaats op de hartcatheterisatiekamer. De verpleegkundige brengt u hier met uw bed naar toe. Op de hartcatheterisatiekamer gaat u op uw rug op een onderzoekstafel liggen. Om uw huid rondom uw linkersleutelbeen te desinfecteren, wordt deze gepoetst met een roze vloeistof. Deze vloeistof is op alcoholbasis en voelt koud aan. Daarna wordt u steriel toegedekt. U krijgt een verdovingsprik op de plaats waar de cardioloog de hartritmemonitor inbrengt. Vervolgens maakt de cardioloog een sneetje in uw huid en schuift hij de monitor door het sneetje onder uw huid. Met zelfoplossende hechtingen wordt de huid gesloten. Deze hechtingen hoeven later niet verwijderd te worden omdat ze vanzelf oplossen. De totale duur van de ingreep (inclusief de voorbereiding) is ongeveer een half uur.

Na de ingreep
Na de ingreep brengt een verpleegkundige u naar uw kamer. De verpleegkundige controleert uw bloeddruk, pols en de wond. Het kan zijn dat de wond pijn doet. U kunt hier pijnstilling voor krijgen.

De pacemakertechnicus stelt door middel van een programmeerapparaat uw monitor in.

Naar huis
Als het goed met u gaat, mag u naar huis. Op de dag van de ingreep moet u de pleister op de wond laten zitten. De volgende dag mag de pleister eraf. Als de wond droog is, plakt u er geen nieuwe pleister op. Als er nog wondvocht of bloed uit de wond komt, plakt u er wel een nieuwe pleister op. Het gebied rond de wond kan een paar dagen gevoelig zijn.

Na twee dagen mag u weer douchen.

Afspraken voor controle

Eerste controle
Na ongeveer tien dagen is de eerste controle. De pacemakertechnicus:
Regelmatige controle
Iedere drie maanden heeft u een afspraak voor controle met de pacemakertechnicus. Deze controles zijn bedoeld om de eventuele opnames van de hartritmemonitor te beoordelen en om het geheugen weer leeg te maken zodat er weer nieuwe opnames gemaakt kunnen worden.

Risico's en complicaties
Bij de ingreep bestaan weinig risico's omdat de hartritmemonitor vlak onder de huid wordt ingebracht. Er bestaat een kleine kans op een nabloeding of infectie.

Direct contact opnemen
Als u weer thuis bent en onderstaande klachten treden op, neemt u contact op met de pacemakertechnicus via (0314) 32 94 98 en buiten kantooruren met de dienstdoende arts via (0314) 32 99 11:
Als u bij klachten handmatig een opname heeft gemaakt, dient u altijd contact op te nemen met de pacemakertechnicus om een afspraak te maken om de hartritmemonitor uit te laten lezen. De pacemakertechnicus is op werkdagen van 08.30 tot 17.00 uur bereikbaar op telefoonnummer (0314) 32 94 98.

Hoe lang kan de hartritmemonitor blijven zitten
Het is van tevoren niet in te schatten hoe lang u de hartritmemonitor moet dragen. U komt regelmatig op controle om de opnames te bespreken. Als duidelijk is waar uw klachten vandaan komen, bespreekt de cardioloog met u of er een behandeling nodig is en wanneer de monitor weer verwijderd wordt. Als er geen afwijkende hartritmes worden gezien, haalt de cardioloog de hartritmemonitor er na ongeveer drie jaar uit. De batterij is dan leeg.

Leven met een hartritmemonitor
U kunt gewoon doorgaan met uw dagelijkse bezigheden. U kunt zwemmen, douchen en sporten zonder bang te zijn dat u iets beschadigt.

Het gebruik van de afstandsbediening Activator
Met de Activator kunt u bij klachten zelf een opname laten maken door de hartritmemonitor. Gebruik de afstandsbediening alleen als u klachten heeft zoals:Het is belangrijk om bij klachten gelijk de afstandsbediening in te schakelen omdat de hartritmemonitor maar enkele minuten in het verleden opneemt.

Op het moment dat u deze klachten krijgt, moet u het volgende doen:
  1. Leg de Activator plat op de ingebrachte hartritmemonitor. Hiervoor hoeft u zich niet uit te kleden. De activitatie gaat dwars door uw kleding heen.
  2. Druk eenmaal op de zwarte knop (REC). U hoort een signaal.
  3. Haal de afstandsbediening meteen weg en bekijk de lampjes.
    Een knipperend groen lampje boven het 'vinkje'
    de opname is geslaagd
    Een knipperend rood lampje naast het pijltje
    de opname is niet geslaagd.
    Ook hoort u bij deze lampjes een ander signaal.
  4. Als de opname niet geslaagd is, legt u de afstandsbediening opnieuw op de hartritmemonitor en herhaal stap 1, 2 en 3 tot een groen knipperend lampje brandt.
  5. Als de opname geslaagd is, dient u contact op te nemen met de pacemakertechnicus. De pacemakertechnici zijn op werkdagen van 08.30 tot 17.00 uur bereikbaar op telefoonnummer (0314) 32 94 98. De pacemakertechnicus maakt een afspraak met u om de hartritmemonitor uit te lezen en te beoordelen. Het uitlezen van de opnames is pijnloos.
  6. Als uw hartritmeklachten niet overgaan en u blijft zich niet lekker voelen, bel dan uw huisarts of buiten kantooruren de huisartsenpost of 112.
U kunt maximaal negen keer een opname maken. Bij de tiende opname, wordt de eerste opname automatisch gewist.

Gebruikersvoorschriften Activator
Er is wel een aantal voorschriften waar u zich aan dient te houden om schade aan de afstandsbediening Activator te voorkomen.

Activator niet laten vallen
Als de Activator valt van een hoogte die hoger is dan 1 meter, dan mag u het apparaat niet meer gebruiken.

Valt de Activator van een hoogte die lager is dan 1 meter, test dan de werking van de Activator. Houd de Activator weg van de ingebrachte hartritmemonitor, druk op de zwarte knop REC en kijk of het rode lampje gaat branden.

Afbeelding: het rode lampje dient te knipperen naast dit symbool.

Als het lampje niet knippert, is de Activator stuk.

Neem contact op met de pacemakertechnicus als de Activator niet meer gebruikt mag worden of stuk is. De pacemakertechnicus is op werkdagen van 08.30 tot 17.00 uur bereikbaar op telefoonnummer (0314) 32 94 98.

Elektromagnetische velden
De meeste elektrische huishoudelijke apparaten hebben geen invloed op de werking van de hartritmemonitor. Zoals elektrische keukenapparatuur, schoonmaakapparatuur en elektrisch gereedschap. Ook elektronische diefstalpoortjes in winkels hebben geen invloed. Leun echter niet tegen het poortje en blijf er niet langer dan noodzakelijk staan.

Bij veiligheidsapparatuur op luchthavens kan het alarm afgaan vanwege de metalen onderdelen. Geef aan dat u een implantaat draagt en toon uw ID-kaart van de hartritmemonitor. Deze ID-kaart krijgt u van de pacemakertechnicus na implantatie van de hartritmemonitor.

Sommige elektrische apparaten kunnen de registratie van gegevens wel negatief beïnvloeden:
Voorzorgsmaatregelen bij medische procedures
Meld altijd bij een behandeling in het ziekenhuis, bij een tandarts, huisarts of fysiotherapeut dat bij u een hartritmemonitor is geplaatst. Meestal kunt u medische of tandheelkundige behandelingen ondergaan zonder dat de werking van de hartritmemonitor wordt verstoord. Er zijn echter medische handelingen die de werking wel kunnen aantasten.

De behandelend arts of fysiotherapeut dient contact op te nemen met de pacemakertechnicus bij een: Overige aandachtspunten:Vragen
De pacemakertechnicus is op werkdagen bereikbaar van 08.30 tot 17.00 uur op telefoonnummer (0314) 32 94 98. E-mailadres: pacemakertechniek@slingeland.nl.

Als u vragen heeft over de ingreep dan kunt u contact opnemen met de secretaresse van de polikliniek Cardiologie. Zij is op werkdagen bereikbaar van 08.30 tot 16.30 uur op telefoonnummer (0314) 32 95 55.

Hoe gaan wij met uw vertrouwelijke gegevens om
Zodra u zich meldt in het ziekenhuis, leggen wij persoonlijke gegevens over u digitaal vast. Die gegevens zijn geheim. Alleen de arts die u behandelt, de zorgverleners die bij uw behandeling betrokken zijn en uzelf mogen uw gegevens inzien. Het ziekenhuis is verplicht om de kwaliteit van zorg te bewaken en verbeteren. Daarom kan het nodig zijn om gegevens te verstrekken aan personen binnen of buiten het ziekenhuis. Het verstrekken van gegevens is aan wettelijke regels gebonden (zie het ‘Privacyreglement Patiënten’, vraag ernaar bij uw zorgverlener).

Wanneer zorgverleners van verschillende zorginstanties samenwerken bij uw behandeling, noemt men dit ketenzorg. Als het voor een goede behandeling of verzorging noodzakelijk is dat de zorgverleners uit de keten toegang hebben tot uw patiëntgegevens, dan is dit toegestaan. Dit is echter alleen toegestaan als u van tevoren duidelijk bent geïnformeerd over welke hulpverleners van welke zorginstanties deel uitmaken van deze keten en u hier geen bezwaar tegen heeft.

Daarnaast kunnen uw huisarts, de huisartsenpost en uw apotheker een samenvatting van uw medische gegevens inzien bij spoedeisende zorg buiten praktijkuren. Meer informatie kunt u lezen in de folder 'Uw rechten en plichten als patiënt'. Deze folder kunt u raadplegen op www.slingeland.nl.

Uw mening telt
Het is voor ons belangrijk om te weten hoe u onze zorgverlening heeft ervaren. Op deze manier kunnen wij de kwaliteit blijven verbeteren. Regelmatig sturen wij patiënten thuis een vragenlijst toe waarin wij vragen naar hun mening over onze zorgverlening. U ontvangt deze vragenlijst wanneer u een e-mailadres heeft laten registreren bij de balie of in Mijn Slingeland. Daarnaast kunt u uw mening kwijt op het suggestieformulier 'Bent u tevreden? Kan het beter? Uw mening telt!'. Het suggestieformulier is verkrijgbaar op verpleegafdelingen en poliklinieken. Op de website www.slingeland.nl kunt u een digitaal suggestieformulier invullen (ga naar Patiënt > Praktische zaken > Klacht of suggestie).

Wanneer u een klacht heeft, kunt u de folder 'Een klacht, wat zijn de mogelijkheden' raadplegen. Deze folder is verkrijgbaar op verpleegafdelingen en poliklinieken. Op onze website www.slingeland.nl kunt u de folder ook downloaden.



Foldernummer: 1932-feb 21