Logo Slingeland Ziekenhuis.
Topbalk beeld rechts.
Topbalk beeld midden.
 
Klik op deze knop om alle folders te doorzoeken.Zoek folders
Klik op deze knop om dit document te printen.Print pagina
Klik op deze knop om dit document als PDF te downloaden.Download PDF
Klik op deze knop om de tekstgrootte te vergroten.Grotere tekst
Klik op deze knop om de tekstgrootte te verkleinen.Kleinere tekst

Folder informatie logo

De knop om deze folder als favoriet te markerenFavorietDe knop om deze folder per email door te sturen.Stuur door

Kindergeneeskunde


Onderzoek naar geneesmiddelallergie

Provocatietest


Algemeen
Als uw kind klachten heeft gehad na het gebruik van een bepaald geneesmiddel, kan het zijn dat uw kind allergisch is voor dat geneesmiddel. Uw kind krijgt bijvoorbeeld vlekjes of dikke lippen.

De kinderarts heeft uw kind onderzocht en gekeken naar:
  • de soort klachten;
  • de tijd tussen het innemen van het geneesmiddel en het optreden van de klachten;
  • het verloop van de klachten.
Daaruit blijkt dat uw kind mogelijk een geneesmiddelallergie heeft. Binnenkort krijgt uw kind een onderzoek om vast te stellen of hij/zij daadwerkelijk een geneesmiddelallergie heeft. Dit onderzoek heet een provocatietest. In deze folder leest u meer over het onderzoek.

Voorbereiding op het onderzoek

Drie dagen voor het onderzoek
In onderstaand schema staan medicijnen die van invloed kunnen zijn op de uitslag van de test. Als uw kind één of meer van deze medicijnen gebruikt, dan moet hij/zij daar drie dagen voor het onderzoek mee stoppen.

AcrivastineDimetindeenMizolastine
Aerius®DiphenhydramineMizollen
AlimemazineEbastineNavicalm®
Allerfre®Emadine®Nedeltran
Allergodil®EmedastineOxatomide
AstalinEmesafene®Periactin®
AstemizoleFenistil®Polaramine®
Atarax®FexofenadinePrimatour®
AzelastineHismanal®Promethazine
Benadryl®HydroxyzineSemprex®
CetirizineKestine®Suprimal®
ChloorcyclizineKetotifenTavegil®
CinnarizineLevocabastineTelfast®
ClematineLevocetirizineTerfenadine
Claritine®Livocab®Tinset®
CyclizineLoratidineTriludan®
CyproheptadineMebhydrolineXyzal®
DesloratidineMeclozineZaditen®
DexchloorfeniramineMistalin®Zyrtec®

Op de dag van het onderzoek
  • Smeer uw kind op de dag van het onderzoek niet in met hormoonzalf of een andere zalf of olie. Als uw kind ernstig eczeem heeft, kunt u in overleg met de kinderarts wel hormoonzalf gebruiken.
  • Neem eventueel een knuffel, slaapzakje, speen en/of eigen drinkfles mee.
Situaties waarbij het onderzoek mogelijk niet door kan gaan
Het is belangrijk dat uw kind in goede lichamelijke conditie is op de dag van het onderzoek. Als uw kind niet fit is, kan uw kind heftiger reageren. In een aantal situaties vragen wij u met de kinderverpleegkundige of kinderarts te overleggen of de test kan doorgaan.

Neemt u contact op met de kinderafdeling als er sprake is van een situatie die hieronder vermeld staat. De kinderafdeling is 24 uur per dag bereikbaar op telefoonnummer (0314) 32 92 96.

  1. Uw kind heeft in de 7 dagen voor het onderzoek Prednison gebruikt.
  2. Uw kind heeft in de 72 uur voor het onderzoek antibiotica voor infecties gebruikt.
  3. Uw kind heeft in de 48 uur voor het onderzoek een of meer van deze klachten gehad:
    • koorts (boven 38 °C)
    • infectie (bijv. bovenste luchtweginfectie, maag-darminfectie)
    • piepende ademhaling
    • verergering van astma
    • meer eczeem
    • maag-darmklachten (zoals misselijkheid, braken en diarree).
  4. Uw kind heeft in de 48 uur voor het onderzoek een hogere dosering moeten innemen van:
    • Airomir® (=salbutamol)
    • Atrovent® (=ipratropium)
    • Berodual®
    • Bricanyl® (=terbutaline)
    • Flixotide® (=fluticason)
    • Oxis® (=formoterol)
    • Pulmicort® (=budesonide)
    • Qvar® (=beclomethason)
    • Seretide® (=flixotide, salmeterol)
    • Serevent® (=salmeterol)
    • Symbicort® (=budesonide, formoterol)
    • Ventolin®

    Let op: wanneer uw kind deze medicatie dagelijks inneemt, dan moet uw kind dit blijven doen. Alleen wanneer uw kind deze medicatie extra heeft gebruikt, neemt u contact met ons op.
Het onderzoek
Het onderzoek houdt in dat uw kind op één dag steeds iets meer van het geneesmiddel krijgt waarvan het eerder klachten kreeg. De kinderverpleegkundige observeert hoe uw kind hierop reageert.

Uw kind wordt één dag in het ziekenhuis opgenomen. Het onderzoek duurt minimaal vier uur. Als er reacties optreden bij uw kind, kan het zijn dat hij/zij langer in het ziekenhuis moet blijven.

Op de dag van het onderzoek meldt u zich met uw kind op de afgesproken tijd op verpleegafdeling B0 (kinderafdeling). De kinderverpleegkundige die voor uw kind zorgt, verwelkomt u op de afdeling. Hij/zij controleert eerst de temperatuur, bloeddruk, hartslag en ademhaling van uw kind. Ook neemt de kinderverpleegkundige een korte vragenlijst met u door. Daarna begint de test.

Tijdens de test krijgt uw kind minimaal vijf keer het medicijn toegediend. Per keer krijgt uw kind steeds iets meer van het geneesmiddel. Tussen elke toediening zit 30 minuten.

Na het geven van de laatste dosering blijft uw kind nog minimaal twee uur in het ziekenhuis. De kinderverpleegkundige houdt in de gaten of er nog allergische reacties optreden.

Na het onderzoek
Als het onderzoek voorbij is, mag uw kind weer naar huis. U krijgt een formulier mee waarop u kunt opschrijven welke reacties uw kind eventueel heeft gekregen toen hij/zij weer thuis was. Wij verzoeken u dit formulier mee te nemen naar uw volgende afspraak met de kinderarts.

Als uw kind binnen 48 uur na de test klachten krijgt (zoals huiduitslag, diarree, aanhoudend braken) dan moet u contact opnemen met de kinderarts of kinderverpleegkundige van de kinderafdeling. Het telefoonnummer is (0314) 32 92 96. Hij/zij beoordeelt of het nodig is om naar het ziekenhuis te komen.

Tot de uitslag van het onderzoek bekend is, adviseren wij u om het geneesmiddel waar de test mee is gedaan, niet in te nemen.

Uitslag van het onderzoek
De uitslag van de test bespreekt de kinderarts met u tijdens een volgende afspraak op de polikliniek Kindergeneeskunde. Afhankelijk van de uitslag spreekt de kinderarts met u af of uw kind het geneesmiddel weer kan gebruiken. Uw huisarts en apotheek ontvangen een melding van dit advies.

Risico's van het onderzoek
We besteden veel aandacht aan het beperken van de ernst van de reacties van uw kind op het geneesmiddel. We starten daarom met een kleine hoeveelheid geneesmiddel en geven steeds een beetje meer.

Kinderen kunnen verschillend reageren op het geneesmiddel. Reacties die kunnen optreden zijn:
  • huidklachten, zoals rode vlekken, galbulten en eczeem;
  • een loopneus;
  • niezen;
  • piepen bij de in- en uitademing;
  • maag-darmklachten (zoals acuut braken, diarree en krampen);
  • algemene verschijnselen (zoals dikke ogen of het niet willen eten).
Er bestaat een kleine kans dat er een forse reactie optreedt. Dat is de reden waarom dit onderzoek in het ziekenhuis plaatsvindt. Op het moment dat er een ernstige reactie optreedt, wordt deze direct behandeld. Soms brengt de kinderarts uit voorzorg voorafgaand aan de test een infuus in bij uw kind.

Vragen
Bij vragen, twijfel en/of optredende reacties, kunt u altijd contact met ons opnemen. Binnen kantooruren kunt u de polikliniek Kindergeneeskunde bellen op telefoonnummer (0314) 32 95 92. Buiten kantooruren kunt u bellen met de kinderafdeling op telefoonnummer (0314) 32 92 96.

Hoe gaan wij om met vertrouwelijke gegevens van uw kind
Zodra uw kind in het ziekenhuis komt, leggen wij persoonlijke gegevens over hem/haar vast. Die gegevens zijn geheim. Alleen de arts die uw kind behandelt en de zorgverleners die bij de behandeling betrokken zijn mogen deze gegevens inzien. U mag de gegevens van uw kind inzien als uw kind jonger is dan 12 jaar. Is uw kind 12 jaar of ouder, dan moet uw kind hiervoor toestemming geven.

Het ziekenhuis is verplicht om de kwaliteit van zorg te bewaken en verbeteren. Daarom kan het nodig zijn om gegevens te verstrekken aan personen binnen of buiten het ziekenhuis. Het verstrekken van gegevens is aan wettelijke regels gebonden (zie het 'Privacyreglement Patiënten', verkrijgbaar bij Bureau Patiëntenvoorlichting). De kinderartsen vinden dat ook artsen die werkzaam zijn bij het consultatiebureau alle belangrijke medische informatie over uw kind moeten hebben. Deze informatie wordt daarom standaard doorgestuurd aan de arts van het consultatiebureau en zo nodig de schoolarts. Mocht u hier bezwaar tegen hebben, dan kunt u dat mondeling én schriftelijk kenbaar maken bij de kinderarts die uw kind behandeld.

Daarnaast kunnen de huisarts, de huisartsenpost en de apotheker een samenvatting van de medische gegevens inzien bij spoedeisende zorg buiten praktijkuren. Meer informatie kunt u lezen in de folder 'Uw rechten en plichten als patiënt'. Deze folder kunt u raadplegen op www.slingeland.nl (klik op: Patiënteninfo > Folders).


Foldernummer: 2110-jun 19